Bereid u voor op einde belastingvrije vaste reiskostenvergoeding

Werkgevers kunnen hun werknemers een vaste, belastingvrije vergoeding geven voor de kosten van het woon-werkverkeer. Indien uw werknemers een vaste reiskostenvergoeding voor het woon-werkverkeer krijgen, hoeft u die vanwege de coronacrisis dit jaar niet aan te passen. In ieder geval tot en met 31 december 2020 mag u blijven uitgaan van de feiten waarop de vaste vergoeding was gebaseerd. Voorwaarde hierbij is wel dat het recht op de vaste vergoeding uiterlijk vaststond op 12 maart 2020.

Let op!
Zonder extra maatregelen verloopt de faciliteit op 1 januari 2021.

Dit betekent dat een vergoeding voor reiskosten voor thuiswerkers vanaf 1 januari 2021 dan belast loon is. De werknemer houdt dan netto minder over en u als werkgever dient premies werknemersverzekeringen en Zorgverzekeringswet af te dragen.

U kunt hier op het afschaffen van de faciliteit op verschillende manieren inspelen. Zo kunt u de vergoeding afschaffen of verminderen, maar u kunt ook de belasting voor uw rekening nemen door de vergoeding te bruteren. Dit is een relatief dure optie. Daarom is het vaak voordeliger in plaats hiervan de vergoeding onder te brengen in de werkkostenregeling.

Let op!
Brengt u de vergoeding onder in de werkkostenregeling, dan dient u aannemelijk te kunnen maken dat de vergoeding voldoet aan het gebruikelijkheidscriterium (zie tip 57) en dus niet meer dan 30% afwijkt van wat in soortgelijke situaties aan vergoeding wordt verstrekt.